
Eens in de zoveel tijd blikt een bestuurslid terug op wat we allemaal hebben beleefd.
Deze keer is het de eer aan de secretaris van het XXXIIste bestuur: Maud Roelofsen
Ik begon mijn bestuursblog met een ander stukje maar dat heb ik geschrapt. Deze alinea schrijf ik nu de rest helemaal af is. Een week lang heb ik hieraan gewerkt en één ding is zeker: in een blogje je liefde voor Awater proberen te omschrijven, is onmogelijk. Ik heb het toch maar geprobeerd.
Toen ik twee-en-een-half jaar geleden aan de opleiding Nederlands in Utrecht begon, dacht ik: geen geklooi, gewoon alle vakken halen, in drie jaar afstuderen en daarna zien we wel verder. Ik werd lid van Awater want dat deden de meesten en ik hoor er graag bij, ging bij een commissie (RIP MusiCie) en nam af en toe deel aan activiteiten. Ik leerde superlieve mensen kennen met wie ik naar Bilbao, Middelburg en het lustrumgala ging en voordat ik het wist, was ik ineens geen eerstejaars meer.
In m’n tweede jaar werd ik een stuk actiever, mede dankzij Emma de Pee, Megan en Ienas, mijn jaargenootjes, die toen in het bestuur zaten. Ik heb zelden zo genoten als tijdens het Open Podium, het DIVA6-feest, de buitenlandse reis, de borrels en zo veel andere activiteiten van dat jaar, met alle geweldige Awateraars. Deze keer ging ik bij de LitCie, wat binnen een paar maanden een vrij heftige keuze bleek nadat ik per ongeluk voorzitter werd en van achter de feiten aanlopen mijn hobby maakte. Voor het eerst proefde ik een beetje van het leiderschap en hoewel ik dat doodeng en best lastig vond, voelden de ondanks alles tóch geslaagde activiteiten wel als overwinningen. Ik wist dat ik meer voor Awater wilde doen, maar de rol van voorzitter vond ik wel een stapje te ver.
Het secretarisschap leek me daarentegen wel iets voor mij dus solliciteerde ik daarvoor. Ter voorbereiding las ik alles wat er te lezen viel, inclusief de bestuursblogs van een heleboel voorgangers. Nu lees ik ze opnieuw, dit keer ter inspiratie. Wat een stelletje woordkunstenaars zijn Awaterbestuursmensen zeg! En nou moet ik op één of andere manier bij dat niveau in de buurt zien te komen. Ik heb al een hele lap tekst achter de rug en ben nog niet eens aan dit jaar, mijn eigen bestuursjaar begonnen.
Ik zal het afgelopen halfjaar (want we zijn alweer een halfjaar aan de gang?!) in een paar hoogtepunten proberen samen te vatten. Natuurlijk begon het op de dag van onze wissel-ALV. Nog half brak van het eindfeest de avond ervoor en doodzenuwachtig zat ik de eerste helft van die ALV uit. Ik krijg nog steeds hartkloppingen als ik eraan terugdenk. Terwijl dat geen reet voorstelde, het was echt alleen maar wachten tot die penning om m’n nek hing (en héél aandachtig luisteren naar de presentatie van de eindafrekening natuurlijk). En toen het moment daar eindelijk was en ik op die stoel voor in de Senaatszaal tussen Donna en Noa in zat, waren die zenuwen binnen de kortste keren weer verdwenen. Stom is dat.
In de zomervakantie die erop volgde, had ik alle tijd van de wereld om m’n seccie-achtige dingen te doen: eerstejaars mailen, het ledenbestand bijwerken, wachtwoorden veranderen… En toen begonnen we echt! Op introkamp leerde ik allemaal leuke eerstejaars kennen en genoot ik van alle spelletjes en van de kippen. Blok 1 brak aan en de maandagen bestonden uit bestuursvergaderingen om 9 uur ‘s ochtends en constitutieborrels in de avond. Van onze cobo heb ik ontzettend genoten – wat doet een mens nou liever dan alcohol drinken, complimentjes krijgen en uit een café gesleept worden?
De saamhorigheidsactiviteit is ieder jaar een hoogtepunt. Een uurtje poolen, pingpongen of bowlen (wat het is maakt me niet zo uit), een beetje bier drinken en een beetje kletsen vind ik eigenlijk ideaal. De gedichten die werden voorgelezen toen we Sinterklaas vierden, vond ik prachtig. Tijdens het literair diner genoot ik ervan om, al meeneuriënd met de kerstmuziek, dingetjes te snijden in de keuken en om naar de schrijvers te luisteren.
Veel hoogtepunten herhalen zich. Er komen nog iedere maand borrels waar ik naar uitkijk. Elke twee weken mag ik mijn eigen ledenmail schrijven en versturen. En wekelijks, bijna dagelijks, zie ik mijn geweldige, lieve bestuursgenootjes, Donna, Fien en Noa, bij de bestuursvergaderingen! Al op het moment dat we erachter kwamen dat we Awater samen zouden gaan besturen, klikte het eigenlijk meteen tussen ons. Volgens mij is dat nu ook nog steeds zo! Donna maakt tijdens activiteiten de meest sexy foto’s van me, ik heb Fien nooit harder zien lachen dan wanneer ik een blunder maak en Noa en ik hebben dezelfde nutteloze kennis van internetgekkies die we elke dag nadoen. Ik kan alles bij ze kwijt, van
‘ken je dat ene filmpje?’ en willekeurige hersenspinsels tot mini-traumadumps. Ik vind ons ook een heel goed team. Een vereniging met z’n viertjes besturen is fantastisch maar niet makkelijk, en ik ben zo trots op ze! Ik zou met niemand liever het komende halfjaar tegemoed willen gaan als slayerend superbestuur <3
Veel liefs,
Maud
jullie seccie